Bewoner aan het woord

De heer A.W. Huijbregts, 89 jaar


“Ik ben 9,5 jaar geleden, samen met mijn vrouw, in Mastbos komen wonen. Mijn vrouw  leed aan Alzheimer en is helaas al na een half jaar overleden. Ondertussen zijn we 9 jaar verder, maar ik ben nog steeds lid van de Alzheimer groep en woon hier nog steeds met veel plezier. Dat komt ook door de verzorgsters, want daar kan ik heel goed mee opschieten. Het is altijd leuk om een beetje met hen te dollen!


Dhr. Huijbregts


Volgens mij is deBreedonk, locatie Mastbos, het beste verzorgingshuis in Breda. Ik kom regelmatig in andere huizen, maar daar is het toch echt een stuk minder. Vooral de appartementen zijn daar een stuk kleiner en je vindt nergens een ruimer opgezette keuken dan in deze appartementen. Bovendien is deze locatie natuurlijk ook mooi gelegen. Je kunt zo een heerlijke wandeling gaan maken in het Mastbos!
Maar eerlijk is eerlijk, er zit ook wel een nadeel aan deze locatie. Er zit namelijk helemaal geen winkelcentrum in de buurt en dat is wel eens vervelend als je even snel een boodschap wilt gaan doen. Het Valkeniersplein is net te ver weg om daar te voet naartoe te gaan dus moet het altijd met de auto.


Gelukkig is er wel een winkeltje in het verzorgingshuis, maar de boodschappen zijn daar best duur, dus daar maak ik niet veel gebruik van. Ik ga wel elke ochtend fitnessen en ik loop regelmatig bij de kapster naar binnen. Soms om mijn haar te laten knippen, maar vaak ook om een praatje te maken en wat te snoepen. Greetje heeft namelijk altijd heel veel lekkers liggen!


Ik houd sowieso wel van lekker eten en dat lukt hier tegenwoordig heel goed. Voorheen was het eten minder lekker, maar er is nu een nieuwe leverancier en we kunnen elke dag kiezen wat we willen eten, waar we willen eten en of we `s middags of ’s avonds warm willen eten. Ik eet elke middag met hetzelfde groepje de warme maaltijd in de Nassauzaal. Ik moet er niet aan denken om alleen in mijn kamer te zitten eten, daarvoor vind ik het veel te leuk om onder de mensen te zijn.


Vanuit de cliëntenraad, waar ik lid van ben, benaderen we nieuwe bewoners ook altijd om hen welkom te heten en hen te vertellen over de mogelijkheden. Zo kennen ze ons meteen en hopen we hen te stimuleren om deel te nemen aan de activiteiten of in ieder geval gezamenlijk te eten.


Qua activiteiten die georganiseerd worden, is het wel wat minder geworden dan vroeger. Toen werd er nog wel eens aan cabaret gedaan door het personeel en de bewoners, maar dat gebeurt jammer genoeg niet meer. Ik doe wel mee aan de biljartcompetitie en zou ook graag deel willen nemen aan de excursies die georganiseerd worden, maar die gaan uiteindelijk meestal niet door omdat er te weinig belangstelling is. Blijkbaar blijven de bewoners toch het liefst thuis en dat vind ik wel jammer.


Aan de andere activiteiten die worden georganiseerd doe ik eigenlijk niet mee, meestal omdat ik die minder leuk vind. Maar er zijn weer andere mensen die die activiteiten juist wel leuk vinden. Iedereen heeft zo zijn eigen hobby’s en interesses natuurlijk.


Na 9,5 jaar heb ik het in ieder geval nog steeds heel erg naar mijn zin. Ik kan eigenlijk nog steeds doen en laten wat ik zelf wil, maar ik zeg het wel altijd netjes tegen de zusters hoor als ik weg ga. Ik rijd nog zelf auto, dus ik heb alle vrijheid en daar geniet ik van.”

 



Terug naar de vorige pagina